In 2021 lanceerde de Europese Unie het Beleidsprogramma Digitaal Decennium om digitale soevereiniteit tegen 2030 te garanderen, op basis van vier pijlers: digitale infrastructuur, digitale vaardigheden, digitale overheidsdiensten en digitale transformatie van bedrijven.
Met 2025 als middelpunt van het programma is een datarapport gepubliceerd om de voortgang te beoordelen. Op basis van de meest recente beschikbare open datasets van de EU analyseert het de voortgang op drie van de vier pijlers van het Digitale Decennium:
- Digitale overheidsdiensten: burgergerichte diensten, ook wel e-overheid genoemd
- Digitale vaardigheden: een voorwaarde voor zinvolle deelname aan het digitale tijdperk
- Digitale infrastructuur: meting via connectiviteitsindicatoren zoals 5G en breedband
Voldoen de digitale overheidsdiensten aan de eisen?
Burgers hebben dagelijks contact met de overheid via diensten zoals het indienen van hun belastingaangifte of het aanvragen van sociale uitkeringen. Om de digitale transitie te stimuleren, heeft de EU doelstellingen vastgesteld voor een efficiënte en hoogwaardige online beschikbaarheid van deze diensten, waarbij ze gebruiksvriendelijk, veilig en inclusief zijn.
Als onderdeel van het Digitale Decennium streeft de EU ernaar dat belangrijke overheidsdiensten tegen 100 voor 2030% online beschikbaar zijn voor burgers en bedrijven.
Over het algemeen worden digitale overheidsdiensten in de hele EU steeds volwassener en boeken ze sneller vooruitgang dan andere pijlers van het Digitale Decennium. Verdere vooruitgang wordt echter steeds complexer en het verkleinen van de verschillen tussen de lidstaten zal essentieel zijn voor het behalen van de doelstellingen voor 2030.
Beschikken Europeanen over de digitale vaardigheden die ze nodig hebben om te floreren?
Toegang is van weinig betekenis zonder de vaardigheden die nodig zijn om digitale tools effectief te gebruiken. Digitale geletterdheid is essentieel voor toegang tot diensten, deelname aan het maatschappelijk leven, het vinden van werk en het nastreven van een leven lang leren. Open data speelt een sleutelrol bij het volgen van de voortgang op weg naar deze doelen, door te laten zien waar digitale vaardigheden worden ontwikkeld en waar meer ondersteuning nodig is.
De analyse van de gegevens laat zien dat de trage vooruitgang in basis digitale vaardigheden het risico met zich meebrengt dat een aanzienlijk deel van de bevolking wordt uitgesloten van essentiële diensten en werkgelegenheid. Deze trends benadrukken de groeiende noodzaak om te investeren in digitale vaardigheden, die ook representa een kans om het wereldwijde concurrentievermogen van de EU te versterken.
Conclusies van de studie
Halverwege het digitale decennium is de digitale transformatie van Europa meetbaar en maakt open data deze vooruitgang zichtbaar. Door geselecteerde indicatoren te volgen, belicht dit artikel waar het momentum sterk is en kritieke hiaten bestaan.
Digitale infrastructuur en digitale overheidsdiensten ontwikkelen zich gestaag en leggen de basis voor een inclusievere digitale samenleving. Zo ligt de toegang tot elektronische patiëntendossiers op schema om de doelstelling eerder dan gepland te halen. Aan de andere kant blijven digitale vaardigheden het grootste obstakel en dreigen ze de vooruitgang in infrastructuur en diensten te ondermijnen. Zonder mensen de mogelijkheid te geven deze tools te gebruiken, zal de digitale transformatie onvolledig zijn.
Om op koers te blijven richting 2030, zijn gerichte investeringen en beleidsfocus nodig om de belangrijkste lacunes te dichten. Het goede nieuws? Deze bevindingen zijn gebaseerd op openbare datasets en studies die voor iedereen toegankelijk zijn, wat betekent dat de digitale transitie van Europa niet alleen meetbaar is, maar ook een gedeelde verantwoordelijkheid. Door de voortgang op elke pijler openlijk te beoordelen, kunnen belanghebbendeneresDe gezondheidszorg op alle niveaus kan bepalen waar actie nodig is en ervoor zorgen dat de visie voor 2030 wordt gerealiseerd.